19 mei 2026
GEO-woordenlijst: 38 begrippen over AI-zichtbaarheid uitgelegd
Van agentic search tot zero-click: de belangrijkste begrippen over GEO en AI-zichtbaarheid, alfabetisch en in gewone taal uitgelegd.
GEO (Generative Engine Optimization) is het werk om ervoor te zorgen dat AI-assistenten als ChatGPT, Gemini, Perplexity en Claude je organisatie noemen. Rond GEO is in korte tijd veel nieuw jargon ontstaan. In deze woordenlijst leggen we de belangrijkste begrippen kort en in gewone taal uit, op alfabetische volgorde. Waar het handig is, verwijzen we naar een artikel met meer uitleg.
A tot en met C
Agentic search: zoeken waarbij een AI-agent zelf meerdere stappen zet. Het zoekt, vergelijkt opties en kan soms ook iets reserveren of bestellen namens de gebruiker. Lees meer over AI-agents die voor klanten zoeken.
AI-agent: een AI-programma dat taken zelfstandig uitvoert, zoals websites bezoeken, formulieren invullen of een afspraak maken.
AI-crawler: een bot van een AI-bedrijf die webpagina's ophaalt, bijvoorbeeld GPTBot, PerplexityBot of ClaudeBot. Zie AI-crawlers in je serverlogs.
AI Overviews: de samenvattingen die Google met AI bovenaan sommige zoekresultaten toont, met links naar bronnen.
AI SEO: een andere naam voor GEO. Optimaliseren zodat AI-assistenten je vinden, begrijpen en noemen.
AI-zichtbaarheid (AI visibility): hoe vaak en hoe goed AI-assistenten je organisatie noemen bij relevante vragen.
Bron: een webpagina die een AI-assistent gebruikt om een antwoord te onderbouwen. Vaak met een link getoond.
Citatie (citation): een verwijzing naar een bron in een AI-antwoord. Genoemd worden en geciteerd worden is niet hetzelfde: je kunt genoemd worden zonder dat jouw website de bron is. Zie citaties in AI-antwoorden.
Citation share: het aandeel van alle citaties in een set antwoorden dat naar jouw website of pagina's verwijst.
Competitor tracking: bijhouden welke concurrenten AI noemt, hoe vaak en bij welke vragen.
Content gap: onderwerpen of vragen waarbij concurrenten wel genoemd worden en jij niet, vaak omdat je er geen goede content over hebt.
E tot en met G
E-E-A-T: ervaring, expertise, autoriteit en betrouwbaarheid. Een kader van Google om kwaliteit te beoordelen, ook relevant voor AI. Zie E-E-A-T en AI.
Entiteit: een herkenbaar "ding" zoals een persoon, plaats of organisatie, dat AI als één geheel begrijpt. Zie entiteiten.
Gestructureerde gegevens: code op je website (meestal schema.org) die in een vaste vorm vertelt wie je bent en wat je aanbiedt.
GEO (Generative Engine Optimization): het optimaliseren van je online aanwezigheid zodat AI-assistenten je noemen. Lees wat GEO is.
Grounding: het onderbouwen van een AI-antwoord met actuele bronnen die het model live ophaalt, in plaats van alleen kennis uit de training.
H tot en met O
Hallucinatie: een antwoord van AI dat overtuigend klinkt maar niet klopt, zoals een verkeerd adres of een dienst die je niet levert.
Kennisgrens (knowledge cutoff): de datum tot waar een taalmodel trainingsdata heeft. Wat daarna gebeurde, weet het alleen via live zoeken.
Knowledge panel: het informatievak dat Google naast zoekresultaten toont over een herkende entiteit.
LLM (Large Language Model): een groot taalmodel, de techniek achter AI-assistenten. Zie wat is een LLM.
LLM SEO: nog een naam voor GEO, met de nadruk op taalmodellen.
llms.txt: een voorgesteld bestand in de hoofdmap van je website dat AI een overzicht geeft van je belangrijkste pagina's. Zie llms.txt uitgelegd.
Merkvermelding (brand mention): elke keer dat je merk of bedrijfsnaam in een AI-antwoord of op een andere website wordt genoemd, met of zonder link.
NAP: Name, Address, Phone. Je basisgegevens, die overal hetzelfde moeten zijn.
Onsite en offsite: onsite gaat over je eigen website. Offsite gaat over alles daarbuiten, zoals reviews, gidsen, media en fora.
P tot en met R
Persona: een beschrijving van een type klant. Door prompts per persona te formuleren, meet je zichtbaarheid per doelgroep.
Positie: de plek waarop je in een AI-antwoord genoemd wordt, bijvoorbeeld als eerste of als derde optie.
Prompt: de vraag of opdracht die iemand aan een AI-assistent geeft. Zie welke vragen klanten aan AI stellen.
Prompt tracking: vaste prompts regelmatig aan AI-modellen stellen en bijhouden of en hoe je genoemd wordt.
Prompt volume: hoe vaak een bepaalde vraag aan AI gesteld wordt. Betrouwbare cijfers hiervoor zijn er nog nauwelijks; meestal gaat het om schattingen.
RAG (Retrieval-Augmented Generation): een techniek waarbij een model eerst relevante informatie ophaalt en die gebruikt om het antwoord te schrijven.
robots.txt: een bestand dat crawlers vertelt welke delen van je website ze mogen bezoeken. Zie AI-crawlers toestaan.
S tot en met Z
sameAs: een eigenschap in gestructureerde gegevens waarmee je je website koppelt aan je officiële profielen elders.
Sentiment: de toon waarop AI over je praat: positief, neutraal of negatief, en welke plus- en minpunten het noemt.
Share of voice: jouw aandeel in alle vermeldingen binnen een set vragen, vergeleken met concurrenten. Zie share of voice in AI.
Trainingsdata: alle tekst waarmee een taalmodel is getraind.
Zero-click: een zoekopdracht waarbij iemand het antwoord direct krijgt en niet doorklikt naar een website. Zie zero-click zoeken en AI.
Zichtbaarheidsscore (visibility score): een percentage dat aangeeft bij hoeveel van de gestelde vragen je genoemd wordt. Zie de AI-zichtbaarheidsscore uitgelegd.
Van begrippen naar cijfers
Nu je de taal kent, wil je waarschijnlijk weten hoe jij ervoor staat. Met de gratis AI-check stellen we vijf klantvragen aan ChatGPT, Gemini, Perplexity en Claude. Wil je je zichtbaarheid, positie en share of voice elke week volgen, kijk dan naar GEO tracking.
Benieuwd wat AI over jouw bedrijf zegt?
Vraag de gratis check aan en ontvang binnen 1 dag je rapport.
Start de gratis AI-check